14 Matching Annotations
  1. Sep 2025
    1. Avg inventory turnover = hoe vaak de hele voorraad gebruikt wordt.

      Hoevaak je de voorraad gebruikt. Dus stel --> voorraad = 100 --> verkoop = 20 per week. Eens in d)e 5 dagen draai je je voorraad om. Avg inventory turnover.

    2. !: flow time = throughput time, flow rate = throughput rate !: WIP (work in progress) = gemiddelde inventory

      WIP = hoeveel flow units gemiddeld in proces. Throughput rate = Hoeveel flow units klaar met proces in tijd. Flow time = gemiddelde tijd flow unit door het proces gaat. Je hebt er 2 nodig om de 3e uit te rekenen. Bijvoorbeeld 9=3x3

    3. Als een bedrijf een desired cycle time heeft, kan het minimale aantal werkstations berekend worden:

      Bovenkant formule = tijd van alle taken (1 product/persoon) Onderkant formule = gewenste cycle time (max tijd per station) Hoeveel werk er gedaan moet worden / tijd station mag. Tijd van alle taken --> 60 min Gewenste cycle time --> 15 min 60 / 15 = 4 stations nodig = Minimale aantal werkstations

    4. De balancing loss kan ook berekend worden door 1 - efficiency te doen.

      Het verlies door een verkeerde verdeling. 1 - Efficiency (stel efficiency is 0,8) 1 - 0,8 = 20% verlies = Balancing loss.

    5. De desired cycle time: dit is de maximale tijd die besteed kan worden per station om een productietarget te halen. De desired cycle time (Cd) wordt op de volgende manier berekend:

      Je hebt 120 minuten om 30 producten te maken. 120 / 30 = 4 minuten per product. = Desired cycle time (Cd)

    6. De throughput rate (aantal afgeronde units per tijdseenheid) kan berekend worden via Little's Law maar ook door 1 te delen door de cycle time.

      Altijd de tijdseenheid erbij vermelden. Cycletime --> 2 producten per minuut --> 1/2 = 0,5 producten !per minuut! = Throughput rate

    7. Bij line balancing is het belangrijk om het verschil tussen cycle time en throughput time goed te weten. De throughput rate (aantal afgeronde units per tijdseenheid) kan berekend worden via Little's Law maar ook door 1 te delen door de cycle time.

      Cycle time kan alleen korter zijn dan de throughput time als er meerdere flow units tegelijk in het proces zitten (parallelle verwerking). Cycle time = hoelang zit er tussen twee flow units die afronden Through put time = hoelang doet een flow unit over afronden

    8. 1. a >L b: if and only if there is a trace σ =⟨t1,t2,t3,...,tn⟩ and i ∈{1,...,n−1} such that σ ∈ L and ti = a and ti+1 = b; 2. a →L b if and only if a > L and b >/ L a; 3. a #L b if and only if a >/ b and b >/ a; and 4. a ∥L b if and only if a > L b and b > L a.
      1. a >L b → a komt voor en daarna komt b.
      2. a →L b → a leidt tot b (a voor b, maar b niet voor a).
      3. a #L b → a en b komen nooit direct na elkaar.
      4. a ||L b → a en b kunnen beide kanten op (ze kunnen tegelijk of in willekeurige volgorde gebeuren).
    1. Exclusive or (XOR) paerns zijn plaatsen binnen een proces waar een token twee of meer alternaeve paden kan nemen. Slechts één van de paden kan worden genomen jdens het vuren.

      Gaat maar via 1 kant verder. (Of klant betaald pin, of klant betaald contant.)

    2. • Utilization: de effectiviteit van het proces. Dit wordt aangegeven met een utilization rate. Als deze ratio 0.75 is houdt dit in dat de resource 75% van de tijd bezig. De andere 25% heet dan idle time. Een utilization rate kan nooit groter zijn dan 1.

      Machine kan 20 producten maken in een uur, maar maakt er werkelijk 15. --> 15/20 = 0,75 = 75% --> utilization rate 0,25 = 25% = idle time