7 Matching Annotations
  1. Jan 2026
    1. Stap 6: Straf uitzitten bij justitiële jeugdgevangenis (JJI)

      Het doel = Opvoeding Het officiële doel is dat het kind ervan leert (speciale preventie), maar in de praktijk spelen juridische dilemma's dit vaak tegen.

      Dilemma 1: Vrijspraak of liegen?

      Een advocaat wil vaak vrijspraak en kan een kind coachen wat hij wel/niet moet zeggen.

      Risico: Als het kind een verhaal vertelt dat overduidelijk niet klopt, noem je dat een kennelijk leugenachtige verklaring. Dit kan door de rechter juist gebruikt worden als bewijs dat hij het wél gedaan heeft.

      Dilemma 2: Zwijgrecht

      Je mag je mond houden, maar voor kinderen is dit lastig.

      Als er veel tijd tussen de daad en de rechtszaak zit, of als ze meerdere dingen hebben gedaan, halen ze feiten door elkaar.

      Bewijsregels

      In principe zijn er twee bewijsmiddelen nodig (behalve als een agent het zelf zag, dan is 1 genoeg).

      Belangrijk: Rapporten van hulpverleners (artsen, psychologen, Jeugdzorg) gelden niet als wettig bewijs.

      Wie beslist?

      Enkelvoudige kamer (1 rechter): Doet mondeling uitspraak (minder inzichtelijk).

      Meervoudige kamer (meerdere rechters): Alles moet op papier, dus het proces is duidelijker te volgen.

      Wanneer ben je strafbaar?

      De minimumleeftijd is nu 12 jaar.

      Advies van de VN is om dit te verhogen naar 14 jaar.

      Voorwaarde: Een kind moet wel capabel zijn om de gevolgen te overzien, anders leert hij er niets van.

    2. Stap 5: Zitting

      De Setting

      Locatie: De rechtbank in de buurt van de woonplaats (zodat hulpverlening dichtbij is).

      Sfeer: Achter gesloten deuren (geen publiek), maar wel vaak indrukwekkend voor een kind.

      Aanwezigen:

      Ouders: Hebben een aanwezigheidsverplichting (moeten erbij zijn).

      Slachtoffers: Mogen sinds kort ook aanwezig zijn.

      **De Regels (LOVS) ** Rechters gebruiken landelijke richtlijnen (LOVS) om eenduidigheid te creëren.

      Doel: Zorgen dat een straf in Groningen ongeveer gelijk is aan een straf in Maastricht.

      Speciale Straffen & Maatregelen

      Gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM):

      Een tussenoplossing: Je hoeft niet de cel in (JJI), maar het is zwaarder dan een voorwaardelijke straf.

      Je vrijheid wordt beperkt. Ouders vinden dit vaak vervelend omdat het voelt als een "oorkonde van onvermogen" (falen van de opvoeding).

      TBS-maatregel:

      Primair bedoeld om de samenleving te beveiligen.

      Adolescentenstrafrecht

      De Wetenschap: Hersenen zijn pas rond het 23e levensjaar volledig uitgerijpt.

      Gevolg: Jongvolwassenen (18-23 jaar) kunnen soms volgens het jeugdstrafrecht worden berecht in plaats van het volwassenenrecht.

      Of dit gebeurt, wordt bepaald aan de hand van een wegingslijst.

    3. Stap 4: Voorarrest uitzitten bij een justitiële jeugdinrichting (JJI)

      Waar zit je? In een Justitiële Jeugdinrichting (JJI), oftewel een jeugdgevangenis.

      Het probleem: Er zijn nog maar weinig grote inrichtingen, dus jongeren zitten vaak ver van huis.

      De oplossing: Kleinschalige voorzieningen Dit zijn huizen voor maximaal 8 jongeren.

      Voordeel: Je kunt gewoon naar school en ouders kunnen makkelijk op bezoek komen.

      Het grote nadeel (van opsluiting): Het werkt vaak niet goed.

      Hoge recidive: De kans is groot dat ze het weer doen.

      Besmettingsgevaar: Jongeren leren crimineel gedrag van elkaar in de inrichting en komen in een crimineel circuit.

    4. Stap 3: Gevangenhouding door de Raadkamer rechtbank

      Wie beslist? De Raadkamer van de rechtbank (dit volgt na de rechter-commissaris).

      De beslissing: De Raadkamer besluit of de minderjarige langer vast moet blijven zitten (gevangenhouding) of naar huis mag (schorsing met voorwaarden).

      De termijnen:

      De zitting moet binnen 30 dagen plaatsvinden.

      Dit mag twee keer verlengd worden.

      De totale duur van dit voorarrest is maximaal 90 dagen.

      Wat gebeurt er ondertussen? Hoewel de echte rechtszaak nog moet komen, wordt er direct een plan van aanpak gemaakt (hulpverlening, toezicht, school/werk, etc.). De hulpverlening start dus al vóór de veroordeling.

    5. Stap 2: De bewaring door de Rechter-commissaris

      Wie beslist? De Rechter-commissaris (RC).

      Wanneer mag je langer vastgehouden worden? Alleen als aan twee eisen is voldaan:

      Er is sprake van een ernstig delict.

      Er zijn gronden (dringende redenen), zoals vluchtgevaar of gevaar voor de eigen veiligheid van het kind.

      Wat kan de Rechter-commissaris doen?

      Onderzoek: De RC verhoort de verdachte/getuigen en kan een psycholoog of psychiater inschakelen (bijv. opname in het Pieter Baan Centrum).

      Beslissen:

      Naar huis: De bewaring wordt afgewezen of geschorst met voorwaarden (vrijlating onder regels).

      Vastzitten: De jeugdige gaat naar een Justitiële Jeugdinrichting (JJI).

    6. Stap 1: Politiebureau en cellencomplex

      1. Het Proces op het Politiebureau

      **Identificatie: ** Gebeurt volledig geautomatiseerd (biometrie/paspoort).

      Opsluiting: Mag maximaal 6 dagen (inverzekeringstelling is max 2x 3 dagen).

      Kritiek: Cellen zijn traumatisch voor kinderen. De RSJ adviseert daarom: max 24 uur opsluiten en sneller verhoren.

      2. Rollen & Rechten

      Advocaat: Is verplicht. Heeft eigen bevoegdheden en mag beslissingen nemen, zelfs als ouders het er niet mee eens zijn.

      Ouders: Hebben het recht om bij het verhoor te zijn.

      Bewijs: Rapporten van hulpverleners (Jeugdzorg/artsen) gelden niet als wettig bewijs.

      3. Theorie (Beccaria)

      **Doelen: ** Speciale preventie (dader leert ervan) vs. Algemene preventie (signaal naar samenleving).

      Beginselen:

      **Proportionaliteit: ** Zo min mogelijk leed toevoegen (straf moet in verhouding staan). ** Subsidiariteit: ** De lichtste straf kiezen die nog effect heeft.

      4. Het Grote Dilemma (Juridisch vs. Pedagogisch) Er is een spanning tussen het opvoeden en het strafproces:

      Pedagogisch: Je wilt dat een kind leert van zijn fouten (speciale preventie).

      Juridisch: Als je vrijspraak wilt, is het strategisch vaak slim om niet mee te werken of te zwijgen.

      Gevolg: Dit zorgt voor wrijving. De advocaat zit er tussenin: moet hij gaan voor het beste juridische resultaat (vrijspraak/zwijgen) of voor het pedagogische effect (meewerken/verantwoordelijkheid nemen)?

      **5. Theorie van Galanter ** Naast Beccaria wordt ook Galanter genoemd. Hij maakt onderscheid tussen twee soorten verdachten:

      **One-shotters: ** Mensen die eenmalig of zelden met justitie in aanraking komen.

      **Repeat players: ** Mensen die vaak met de politie te maken hebben (draaideurcriminelen).

      De advocaat en rechter moeten rekening houden met dit verschil in hun aanpak en beslismodel. ** 6. De Wetboeken Het jeugdstrafrecht** staat niet in één boekje, maar is verspreid over twee belangrijke wetboeken:

      Wetboek van Strafvordering: De regels over het proces (arrestatie, verhoor, etc.).

      Wetboek van Strafrecht: De regels over de straffen en feiten.

      Belangrijk: Deze regels gelden voor minderjarigen (<18), maar soms ook voor jongvolwassenen (>18).

    7. Diverse actoren

      De Advocaat Heeft altijd te maken met tegenstrijdige belangen.

      De Minderjarige (Verdachte): - Plicht: Moet verplicht DNA/vingerafdrukken afstaan. - Recht: Heeft zwijgrecht. - Probleem: Luistert vaak niet naar advocaat door loyaliteit aan vrienden of ouders. Dit pakt vaak negatief uit.

      De Ouders: - Recht: Mogen bij het verhoor zijn. - Probleem: Hun bemoeienis (verdedigen of juist boos worden op het kind) werkt vaak averechts in het proces.

      Raad van de Kinderbescherming: Kan het proces storen omdat zij een eigen visie hebben op de aanpak.

      Conclusie: In een juridische procedure spelen altijd pedagogische aspecten mee (wat is opvoedkundig wijsheid vs. wat zegt de wet?).