7 Matching Annotations
  1. Oct 2025
    1. Fiscale partners hebben ieder een zelfstandig recht op de heffingskorting

      Iedereen in Nederland krijgt één of meer heffingskortingen van de Belastingdienst. Daardoor hoef je minder belasting te betalen over je inkomen. Bijvoorbeeld: Als je eigenlijk €4.000 belasting moet betalen en je hebt €1.500 aan heffingskortingen, dan betaal je uiteindelijk €2.500. Kort gezegd: een heffingskorting is een bedrag dat van je belasting wordt afgehaald, zodat je minder hoeft te betalen.

    2. Ronald heeft een vakantiehuis in Nederland ter waarde van 200.000. Stap 1: Box 3 grondslag berekenen: 200.000 - 57.000 (heffingskorting)= 143.000 Stap 2: Voordeel uit beleggen berekenen: 6,04% (want overige bezitting) x 143.000= 8.637 belastbaar vermogen. Stap 3: 36% x 8.637 = €3.109 verschuldigde box 3 belasting

      Stap 1: 200.000 - Heffingsvrij vermogen van 57.684 euro = 142.316 euro. Dan kijken welk percentage uit art. 5.2 lid 2 Wet IB 2001 van toepassing is (banktegoeden, overige bezittingen, schulden). Het vakantiehuis valt onder overige bezittingen van Ronald dus wordt 142.316 euro x 5,88% = 8.368 belastbaar vermogen en dat nog vermenigvuldigen met het tarief uit box 3, 36%. 8.368 x 36% = 3.012,5 euro aan verschuldigde belasting.

    3. lineaire of annuïtaire hypotheek.

      Bij een lineaire hypotheek los je iedere maand een vast bedrag van de lening af, dus je betaalt in het begin meer, maar het wordt elk jaar goedkoper. Bij een annuïteitenhypotheek betaal je elke maand hetzelfde bedrag, maar in het begin is dat vooral rente en later meer aflossing. 👉 Dus: lineair = sneller aflossen, annuïtair = gelijkblijvende maandlasten.

    4. Directe belasting in economische zin gaat om belasting die wordt gedragen door degene die haar voldoet. Een belasting is in juridische zin "direct" als de wet de belasting als direct aanwijst. Indirecte belastingen zijn hier precies het tegenovergestelde van.

      Directe belastingen betaal je rechtstreeks aan de overheid, en je draagt zelf de kosten. Voorbeelden zijn de inkomstenbelasting en vermogensbelasting. Indirecte belastingen betaal je via de prijs van een product of dienst, omdat ze in de prijs van producten of diensten zijn verwerkt (zoals btw of accijns).

    5. eze prestatie vindt plaats buiten de normale overheidstaak. Het betreft hier een handeling die een ondernemer ook had kunnen doen.

      Gemeentelijke afvalinzameling – je betaalt voor het ophalen van je huisvuil. → Een particulier afvalbedrijf zou dit ook kunnen doen.